Susanne schrijft YA-romans & -thrillers

 

 

Opeens woedend op mezelf wrijf ik de tranen weg. Lig ik weer te janken. Is dat het enige dat ik nog kan? Voelen hoe het knijpt van binnen, voelen hoe de boosheid overgaat in diep, machteloos verdriet? En het ergst is dat niemand er iets van begrijpt. Ze vinden me alleen maar erg veranderd. De ene dag vrolijk, de andere dag afwezig of kwaad. Zien ze dan niet dat ik verliefd ben? Zijn ze dan vergeten hoe het is om verliefd te zijn en niet te weten of het wederkerig is? Oh, René! Als het zo doorgaat hier thuis, wordt het net zo erg als bij mijn moeder, dan loop ik weg. Kan me niet schelen waarnaar toe. Overal is vast beter dan hier. Vast.

 

Willeke is dertien en woont de helft van de week bij haar moeder en de andere helft bij haar vader. Wanneer de ruzies met haar moeder een dagelijks terugkerende ellende worden, trekt ze volledig in bij het nieuwe gezin van haar vader. Maar ook daar past ze niet. Nergens kan ze zichzelf zijn. Maar wie is Willeke eigenlijk?

 

Stefan houdt niet van voetballen en al helemaal niet van de stoere en brallerige sfeer eromheen. Toch zit hij op voetbal, omdat zijn vader dat wil. Die houdt van voetballen kijken, bier drinken en auto’s. Dankzij Stefans beste vriend Danilo is het voetballen wel uit te houden. Tot Stefan gevoelens bij zichzelf ontdekt die verdergaan dan een gewone vriendschap. Een groepje jonge criminelen ontdekt het geheim van Stefan, dat hij juist angstvallig probeert te verbergen. De bende zet hem onder druk om mee te doen aan criminele praktijken, in ruil voor geheimhouding. Stefan wil koste wat het kost voorkomen dat de bende uit de school klapt. Want wat als zijn vader erachter komt?

Danilo draait zich om en trekt zijn rechterwenkbrauw in een arrogant boogje. Vanonder mijn wimpers kijk ik toe en slik. Zou hij weten dat ik dat boogje, dat eruitziet als een accolade, grappig en mooi tegelijk vind?